Jongeren die letterlijk de kerk binnenvallen

Geplaatst op 01/05/2017 10:02

 

Hoe krijg je 30 straatjongeren in het jeugdhonk van je kerk? Nodig ze uit voor een barbecue. Een fikse regenbui doet de rest.

Adriaan Bais (67) groeide op in Den Helder en kwam via Duitsland in het Zuid-Limburgse Brunssum terecht. Hij is naast pastor van een evangelische gemeente ook actief in het jongerenwerk. Een ca 1,5 jaar zat de jeugdruimte van zijn kerk wekelijks vol met jongeren van de straat. Hoe krijg je dat voor elkaar, zal menig jongerenwerker zich afvragen. “We waren in de kerk aan nadenken over wat we voor de stad konden betekenen”, vertelt Adriaan. “En het antwoord was simpel: de hangjongeren stonden voor de deur. Onder het afdakje voor de deur van de kerk was het droog. De ideale hangplek. Terwijl ze tegen de deur geleund stonden, deed ik ‘m open en ze vielen letterlijk de kerk binnen.

 

Barbecuen

De gemeente besloot een barbecue voor hen organiseren. Adriaan: “Overal waar we ze tegenkwamen, duwden we ze een uitnodiging in de handen. Uiteindelijk zaten we met dertig jongeren te barbecuen.” Een harde regenbui leek roet in het eten te gooien. Via de ijzeren trap zochten ze onderdak in de jeugdruimte. “Daar hebben we gezellig gehangen, getafeltennist en gebiljart. Ik heb gezegd dat ze deze ruimte mochten gebruiken en dat hebben ze vanaf toen gedaan. De gemeente vond het zelfs goed dat we hen het evangelie vertelden!”

 

Geen overlast meer

De gemeente Brunssum was heel blij met deze plek voor jongeren. Maar toen ze een eigen ‘unit’ voor de jongeren neerzette, was het afgelopen. Adriaan: “Bij ons mochten ze niet roken en drinken en de jeugdruimte had een christelijk tintje. Dat was daar waarschijnlijk anders.” Binnen een half jaar waren ze allemaal weg. Toch hebben we in die tijd wel wat bereikt. Een schooldirecteur vroeg me eens: ‘Bent u niet die pastor van de Maanstraat? Sinds jullie die ruimte openstelden, hebben we geen overlast meer van deze jongeren.’”

 

In de startblokken

Nu is er een nieuwe mogelijkheid om contact te leggen met jongeren. Samen met steun van vrijwilligers uit verschillende kerken staat Adriaan op het punt om de jeugdruimte open te stellen voor een nieuwe groep hangjongeren. “Er zijn twee groepen hangjongeren in Brunssum die niet elkaars beste vrienden zijn. In september vorig jaar vroegen jongerenwerkers van de gemeente Brunssum of wij de jongerenruimte van de kerk beschikbaar wilden stellen voor een van deze groepen. Het is niet echt een problematische groep met alcohol en drugs. Ze zijn bijvoorbeeld actief bij de dartsclub. Maar ze hebben wel conflicten thuis, waardoor ze op straat rondhangen met hun vrienden. Op zoek naar een breder draagvlak hebben we gesprekken gehad met andere kerken en hebben we een groep van twintig vrijwilligers bij elkaar gebracht. Via Elmer van Youth for Christ hebben we een aantal meetings en een droomavond gehad. We staan in de startblokken om te beginnen.”

 

Visserman

“Ik ben geen manager, maar een herder”, vindt Adriaan van zichzelf. “Ik wil betrokken zijn en in hen investeren. De asielzoekers die met mij optrekken noemen me hun papa. Als het om vaderschap gaat heeft Adriaan geen voorbeelden gehad. “Mijn vader was een visserman. Hij was nooit thuis. Het was geen slechte man, hij was er gewoon niet. Toen ik op mijn vijftiende tot geloof kwam, heb ik in God een Vader gevonden.

Deze jongelui missen een gevoel van thuis. Anders zouden ze niet op straat hangen. Veel ouders hebben geen tijd voor hun kinderen. Bij ons zijn ze welkom. Wij tonen interesse en nemen de tijd om naar hun problemen te luisteren.”

 

Voorbeeld

Een jaar nadat de jongeren uit de kerk waren vertrokken, was Adriaan bij een begrafenis. In de kerk zat een jongeman die hij dacht te herkennen. “Het bleek de vroegere leider van die vorige groep te zijn. Hij was maatschappelijk werker geworden. ‘Jij was een voorbeeld voor mij. Daardoor wilde ik doen wat jij doet.’”