Een stukje Eritrea in Lelystad

Geplaatst op 03/04/2017 10:52

Rick van der Molen was jarenlang jongerenwerker voor Youth for Christ in Lelystad, tot hij tweeënhalf jaar geleden met zijn gezin naar Peru vertrok om met jongeren te werken. Eenmaal terug in Nederland gaat hij direct weer aan de slag. Samen met zijn zus Jettie wil hij een restaurant openen, voor en door Eritrese jongeren. “Eritreeërs hebben geleerd niemand te vertrouwen.”

 

Tekst: Alec Timmerman

 

Rick vertelt: “Mijn zus Jettie werkt met minderjarige asielzoekers, onder wie Eritrese vluchtelingen. Eritrea wordt ook wel het Noord-Korea van Afrika genoemd. Jongeren zijn geboren in een vreselijke dictatuur. Niemand is te vertrouwen. Dat regime zijn ze ontvlucht. Ik heb verhalen gelezen over wat ze daar meemaken. Het is bijna niet te geloven. Jongeren worden bloedhete containers opgesloten, meisjes worden verkracht.”

 

Traumatisch

Geen wonder dat veel mensen de verschrikkingen ontvluchten. Veel van hen willen naar Europa. “Vluchten gebeurt vaak via Libië”, vertelt Rick. Daar steken ze over naar Europa. Een heel traumatische reis, vooral voor meisjes. Ze worden vaak meerdere malen verkracht.

Rick: “Als ze in Europa aankomen, vertrouwen ze niemand. Ze zijn erg op zichzelf, waardoor ze niet integreren. Omdat ze zo geen Nederlands leren, is hun netwerk ook heel klein. Daardoor gaan zelfs de kleinste dingen fout. Ze halen bijvoorbeeld hun bankpas niet op, waardoor ze hun rekeningen niet betalen en de elektriciteit wordt afgesloten.”

 

Gevulde koek eten

Terwijl hij nog in Peru woont, heeft Rick een skypegesprek met zijn zus over de benarde situatie van deze getraumatiseerde en geïsoleerde jongeren. “Zo ontstond het plan om een café-restaurant speciaal voor Eritrese jongeren te openen. Het moet een plek worden die smaakt naar Eritrea, ingericht met Eritrese spullen, zodat ze zich echt thuis voelen. Zeg nou zelf, als je voor langere tijd in het buitenland bent geweest, heb je toch extra zin om Nederlands te praten en een gevulde koek eten? Op deze plek mogen ze zich gewoon thuis voelen, hun eigen gerechten eten en hun eigen taal spreken. Dat brengt ontspanning, de basis om aan de toekomst te werken. We willen hen hoop bieden.” Van jongs af aan voelt Rick zich begaan met mensen die het moeilijk hebben. “Omdat ik onder de indruk ben van Gods liefde voor mij en voor alle mensen, wil ik Zijn liefde laten zien, vooral aan mensen die het moeilijk hebben.”

 

Geen psychiaters

Het is de bedoeling dat de Eritrese jongeren gaan zelf koken, zegt Rick. “Een groepje van vijf jongeren begint ’s middags onder begeleiding met koken. Tegen de avond komt de grote groep eten. Bij de maaltijd zijn ook Nederlandse vrijwilligers aanwezig. Wij zijn natuurlijk geen psychiaters en we kunnen geen trauma’s oplossen. Wat we wel kunnen is een warme plek bieden, meeleven en hen complimenten geven. Zodat ze eigenwaarde krijgen. Na de maaltijd zijn ze vrij om naar huis te gaan, of ze kunnen voetballen, meedoen met de meidenclub, of hulp krijgen bij bijvoorbeeld het lezen van hun post.”

 

Soppige pannenkoek

Eind februari hebben de vrijwilligers een proefavond gedraaid, “om te laten zien dat we niet alleen praten, maar ook doen.” Ondanks het slechte weer, kwamen 25 jongeren op af. “Het was heel leuk”, vertelt Rick. “Het eten bestaat uit een soort soppige pannenkoek. Er waren twee soorten saus. Die doe je erop, samen met wat salade en dat eet je met de hand.”

 

Echte aandacht

De avond was een succes. De Eritrese jongeren hebben het er nog steeds over, hoort Rick van zijn zus. “Weet je, de Nederlandse cultuur is er een van ‘alles kan’, maar je moet wel zelf aanpakken. In Eritrea wordt altijd gezegd wat je moet doen. Daarom willen we ons vooral richten op Eritrese jongeren. We zijn er niet om ze te helpen integreren. Daar zijn andere instanties voor, bijvoorbeeld de gemeente. Die instanties hebben geen tijd voor een compliment of echte aandacht. Terwijl ze dat zo hard nodig hebben. Wij willen ze dat geven.”